“The truth is, rarely can a response make something better — what makes something better is connection.”

~ Brené Brown Phd.

Bewustzijn

Communiceren met Compassie is een revolutionair gedachtengoed voor bewustzijnsvergroting, persoonlijke groei en het ontwikkelen van je emotionele intelligentie, vermomd als een simpel communicatiemodel. Dat communicatiemodel is heel gemakkelijk te leren. Het zijn 5 simpele stappen die je op 3 manieren in kunt zetten. Maar dat model is tegelijk ook helemaal niet wat Communiceren met Compassie is. Die essentie van wat het nog meer is, is gelijk wat ik het allermoeilijkste vind om over te brengen. Want dat bewustzijn is een stuk lastiger om concreet te maken en kan dus wat zweverig klinken. En het is nu nét hetgeen mij zo ontzettend heeft geholpen in mijn ouderschap en waar ik ouders mee wil helpen. Dus hoe leg je dat zweverige stuk nu uit?

 

Een houding van er onvoorwaardelijk zijn.

 

Er zijn

Dat bewustzijn dat beoefenaars van Communiceren met Compassie ontwikkelen is een bepaalde kwaliteit van aanwezigheid. Ik noem het ook wel empathie, het vermogen om te luisteren. Maar ik bedoel daarmee niet het technische gedeelte van het luisteren. Het zit hem meer in de kwaliteit van ‘er zijn’ die daarbij komt kijken. Een onvoorwaardelijke houding. Niet eentje van onvoorwaardelijk doen (de juiste dingen zeggen, het communicatiemodel gebruiken of een lieflijke stem opzetten wanneer je je kind corrigeert), maar van onvoorwaardelijk zijn (aanwezig zijn, onvoorwaardelijke acceptatie, erbij blijven).

Deze kwaliteit van zijn is iets dat ik niet heb gekend in mijn jeugd. Mijn opvoeders, familie, juffen en meesters, eigenlijk alle volwassenen waar ik mee te maken had, waren meer bezig met beoordelen en autoriteit uitoefenen. Ik kan mij bijna geen momenten herinneren dat iemand echt met mij in verbinding ging of zich verplaatste in hoe het voor mij was. Die onvoorwaardelijke acceptatie van mijn persoontje met alles wat er in me leefde, alle emoties, gedachtenkronkels en slechte gewoonten, die ervaarde ik pas voor het eerst toen ik training volgde in Geweldloze Communicatie. Waar ik kon vertellen hoe ik erbij zat zonder dat daar over geoordeeld werd. En waar de verantwoording voor wat ik ermee wilde doen ook bij mij gelaten werd, het was ook geen therapie of naar mij luisteren om mij te helen of genezen. Een liefdevolle aanwezigheid, gelijkwaardig, respectvol, en zonder voorwaarden. En dat was een verademing! Dit was de kwaliteit van ‘zijn’ die ik mijn kinderen wilde kunnen geven.

Dit is ook de vraag achter de vraag van veel van de deelnemers aan mijn trainingen, cliënten die ik coach en andere ouders waar ik mee in contact ben. We zoeken allemaal naar manieren om onze kinderen het gevoel te geven dat ze er onvoorwaardelijk mogen zijn. We willen ze die volledige acceptatie geven waarvan we vermoeden dat die mogelijk moet zijn, maar in onze jeugd slechts sporadisch (of geheel niet) mochten ervaren. Het ontbreekt ons vaak aan voorbeelden van hoe dit eruit ziet, of we missen handvatten om die kwaliteit van onvoorwaardelijkheid vast te houden als we uberhaupt al weten hoe we dit aan moeten pakken. Deze gedeelde frustratie is wat mij drijft om toch te blijven proberen om het bewustzijn dat mij hierbij zo helpt door te geven aan andere ouders. Vandaag probeer ik dat over te brengen door mijn eigen verhaal te delen. Van wat er gebeurde toen ik mijn zoon die aanwezigheid en liefde gaf waar ik zelf mijn hele leven naar verlangde.

 

Het is maar een gevoel en een behoefte, het is maar een gevoel en een behoefte.

 

Boos

Het is schoolvakantie en er draait een leuke film in Lantaren Venster. Een voormalig gastkindje is de hele dag bij ons en het buurmeisje wil ook graag mee. Dus ga ik met 4 blije enthousiaste kinderen met de metro naar het centrum. Genoeg voor mij om geheel overprikkeld te zijn. Het is net of ik een kar met kikkers bij elkaar probeer te houden, elke keer springt er wel weer eentje uit de bocht. En het zijn niet allemaal mijn eigen kinderen, dus voel ik mij verantwoordelijk, ik ben doodsbang dat ik iemand kwijtraak of dat er ongelukken gebeuren. Daardoor word ik wat korter van stof, directief, doe nu maar gewoon wat ik zeg, dan blijft het tenminste allemaal een beetje in het gareel. Tegen de tijd dat we weer bijna thuis zijn wil mijn oudste zoon niet meer met me praten. Terwijl we in het speeltuintje wachten tot hun vriendinnetje wordt opgehaald, zit hij in de portiek verderop te mokken.

Ik hoop even dat zijn bui overwaait en hij weer bij ons zal komen. Maar wanneer ik hem roep, zijn vriendinnetje is al opgehaald, schreeuwt hij ‘Nee’. Dus ga ik hem halen. Hij loopt van me weg en zegt dat hij niet met me wil praten. Dus pak ik hem vast. Hij is geen peuter meer, maar een sterke jongen van 7, het is niet meer zo gemakkelijk om hem op te pakken. Maar ik ben vastbesloten om hem te horen en wil met hem op een veilige plek gaan zitten, waar ik ook op zijn broertje kan letten. Hij schopt en tiert, probeert zich uit mijn houdgreep te worstelen. Zijn trappen zijn flink raak en hij gilt dat ik een stomme moeder ben, dat ik hem los moet laten en nog wat dingen die ik mij niet eens herinner. Ik ben bang en heb pijn van zijn schoppen en kopstoten. In mijzelf prevel ik: ‘Het is maar een gevoel en een behoefte, het is maar een gevoel en een behoefte’. En hij raast door, de woede die in hem vastzat komt er nu echt uit. Het zijn niet eens meer verstaanbare zinnen, slechts een oerbrullen wat hij doet. Pure kwaadheid.

Wanneer de emotie door zijn lichaam is gegaan voel ik zijn lijf zachter worden en begin te raden:
– Ben je boos omdat ik steeds tegen jou zei dat je van alles moest en niet tegen Bence (zijn jongere broertje)?
• Ja.
(Hier wil ik hem eigenlijk uitleggen dat dit heus wel meevalt hoor… en ik adem er doorheen, ik wil bij hem blijven)

– Je bent het helemaal zat dat ik steeds van jou vraag om je te gedragen en hij overal tussendoor zwiebert?
• Ja.
(Hier wil ik hem eigenlijk vertellen dat hij nou eenmaal jonger is en het logisch is dat ik daarom wat minder verwacht… ik blijf ademen, ik wil doorgaan tot ik hem écht snap)

– Dus nu heb je het idee dat hij maar alles mag van mij en jij helemaal niks?
• Ja.
(Hm, dat is helemaal niet zo, maar ik kan mij voorstellen dat dit een pijnlijke gedachte is)

– En heb je dan het gevoel dat ik jou niet lief vind? Dat ik meer van Bence houd dan van jou?
• Ja…
(Hier schrik ik van. Ik wil hem vertellen dat het onzin is, natuurlijk houd ik net zoveel van hem!… Ik doe weer diep ademhalen. Waarom zou hij dit denken? Ik bedenk me dat ik toegeeflijker ben naar Bence omdat hij jonger is. Ik was wat strict vandaag, maar mijn aanwijzingen waren steeds naar Thibo gericht, van Bence verwacht ik niet dat hij naar mij luistert. Ik voel compassie voor Thibo.

– Je haat Bence he? Je bent hem echt helemaal zat?
• Ja!
– Zou je soms willen dat Bence er niet was? Dat jij mijn enige zoon was en ik er alleen voor jou ben altijd?
• *stilte*
– Is het dat je mijn enige binkie wil zijn, dat je mijn enigste schatje bent en dat je altijd mijn schatje bent, wat je ook doet?
• *tranen*

Nu ben ik geraakt, we hebben verbinding. Hij wil zo graag geruststelling dat hij even belangrijk is als wie dan ook, dat er van hem gehouden wordt gewoon zoals hij is, dat hij er mag zijn onafhankelijk van zijn positie in het gezin. Hij wil niet vergeleken worden, een strijd die hij nooit kan winnen, want hij zal altijd de oudste zijn. Heel oneerlijk. Hij wil net zoveel recht hebben om onredelijk en klein te zijn ook al is hij de grote broer. In dat moment kan ik het mij ineens helemaal voorstellen hoe pijnlijk dat label voor hem moet zijn. Iets waar ik nooit bij heb stilgestaan. Ik ben zelf enigs kind en ken geen broederlijke rivaliteit. Dus ik ben mij niet bewust geweest van wat het bij hem teweeg kon brengen, die grote verwachtingen die ik van hem heb. Nu ben ik zo ontroerd dat ik niet anders kan dan dit nieuwe bewustzijn meenemen in hoe ik de broers vanaf nu benader. Ook hierin wil ik gelijkwaardig met ze omgaan en loskomen van labels, vergelijkingen en verwachtingen.

Ik stel mij zo voor dat het voor Thibo een bijzonder moment van onvoorwaardelijke acceptatie heeft betekend. De lelijkste gedachte die hij maar zou kunnen hebben en wellicht nooit uit zou durven spreken als ik er niet op had doorgevraagd, die is nu gezegd. En toch houd ik nog steeds van hem. Onvoorwaardelijke liefde.

Tips om er ‘te zijn’:

  • Ademen. Tussen de regels door heb ik geschreven wat er in mij omging steeds dat maakte dat ik er bijna niet meer kon zijn. En hoe diep ademen mij hielp om toch steeds terug te keren naar het luisteren, proberen in te leven in hoe het voor mijn zoon was, hoe is het om in zijn schoenen te lopen? Een diepe, langzame buikademhaling is zeer ondersteunend in tijden van stress.
  • Aanwezigheid. Het gaat om een ontspannen aanwezigheid, je hoeft niks te doen, alleen maar ‘er zijn’. Wanneer ik niet ontspannen kan zijn dan ga ik meer in mijn standvastigheid staan of in de verdediging. Geen van beide posities leiden tot verbinding. Wat mij hielp ontspannen is de wetenschap dat zelfs die heftige kwaadheid niet meer is dan een gevoel en dat die wijst op een belangrijke behoefte. Zelfs al wist ik nog niet wat de behoefte was, de boosheid was een signaal dat het iets heel belangrijks was, wat maakte dat ik ernaar wilde luisteren.
  • Gecentreerd zijn. Inleven in mijn zoon betekent niet dat ik helemaal in sympathie met hem ben. Terwijl ik aanwezig ben bij wat er in mijn zoon omgaat is er ook een deel van mijzelf aandachtig bij mijn eigen innerlijke wereld. Ik let op mijn adem, blijf bewust van mijn gedachten, mijn gevoelens en behoeften. Als ik de verbinding met mijzelf verlies dan ligt reactiviteit op de loer en lukt het niet om in ontspannen aanwezigheid bij mijn zoon te blijven.
  • Intern conflict oplossen. Luisteren en aanwezig blijven lukt mij alleen wanneer ik niet zelf getriggerd raak. Ongeheelde wonden uit het verleden maken het moeilijk om in het moment te blijven. Als ik het schoppen en schelden had geïnterpreteerd als disrespect had ik niet kunnen blijven luisteren. Doordat ik al veel van mijn oude patronen ken kon ik in het moment even rouwen om mijn lichamelijke veiligheid in plaats van te gaan oordelen dat mijn zoon niet zo tekeer hoorde te gaan.
  • Hartsverbinding. Met mijn hoofd vond ik van alles van wat ik van mijn zoon hoorde. Maar ik wilde er met mijn hart bij blijven. Wat betekent dat ik geen aandacht besteedde aan de details van wat hij zei en of het wel klopte. Ik liet mij raken door wat hij zij en de betekenis van wat hij met mij deelde door de woorden heen. Ik was nieuwsgierig naar hoe hij het ervaarde in het moment, zijn gedachten, gevoelens, behoeften enz.

Je aanwezigheidsfactor vergroten?

Wil je eens die kwaliteit van er onvoorwaardelijk mogen zijn ervaren die je aan je kinderen zou willen geven? Schrijf je dan eens in voor een live training. Meer dan woorden kun je dan eens zelf meemaken hoe het voelt om in een omgeving te zijn waar je welkom bent met alles wat er in je leeft. Dit is hoe eerdere deelnemers dit hebben omschreven:

“Ik ben erg dankbaar voor de veilige sfeer die Astara creëerde. Ze begon elke bijeenkomst met het verwoorden van haar eigen gesteldheid en liet daarbij haar kwetsbaarheid zien. Dit trok mij iedere keer tot de kern en in aanwezigheid. Het bracht mij diepe connectie met Astara en de groep en ik zag het als een liefdevolle uitnodiging om mijzelf te laten zien.”

“Een aantal keer in de training ben ik echt geroerd door de openheid en veiligheid die ik voelde, waardoor ik ook meer acceptatie voor m’n eigen gevoelens en behoeften krijg (waar ik als moeder van 3 kleine kinderen nogal moeite mee heb). Ik word mij ervan bewust dat ik meer met mezelf wil verbinden om meer compassie te kunnen hebben voor mezelf, en daarmee ook voor de anderen in m’n leven.”

“Ik vond het zo bijzonder en hartverwarmend om te zien hoe een groep vreemden zich al snel veilig genoeg voelden om zichzelf te laten zien, in alle kwetsbaarheid. We gingen met z’n allen elk door ons eigen leerproces, soms met een lach, soms met een traan. Zo mooi om te zien hoe een groep een veilige haven kan zijn. Een community.”

Naar de trainingskalender »